Oranjevereniging Beverwijk

Goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 3 december 1910 Nr. 62

 

Beverwijk, 26 februari 2014

 

Beleidsplan Oranjevereniging Beverwijk (v.1)

 

Voorwoord

De Oranjevereniging Beverwijk (officieel nog steeds Vereniging tot Viering van de Verjaardag van H.M de Koningin) bestaat al meer dan 100 jaar. Op 3 december 2010 bij Koninklijk Besluit nr. 62 volgde de officiële erkenning van de vereniging. Een vereniging derhalve met een lange traditie en nog ongewijzigde missie. Met een nieuwe koning is een herbezinning en heroriëntatie op de invulling van missie en doelstellingen van de vereniging met een aanpak die meer eigentijds is en aansluit bij maatschappelijke ontwikkelingen in onze samenleving.

 

Met dit beleidplan wil het bestuur die nieuwe visie en missie vorm geven. Daarmee wordt ook een doorgaande lijn en een constant beleid gewaarborgd. Het bestuur is zich er terdege van bewust dat een Oranjevereniging geen vanzelfsprekendheid meer is. Burgers worden meer en meer consument en hard gewerkt moet worden aan maatschappelijke participatie en coherentie. Naamsbekendheid en een positief imago essentieel zijn bij het in praktijk brengen van de doelstellingen van de vereniging. Zichtbaarheid van de activiteiten van de vereniging in het digitale en publieke domein is van groot belang.

 

Met dit beleidsplan wil het bestuur vorm geven aan een goedlopende en eigentijdse organisatie die gewenst is om de primaire doelstelling: vieringen rond het koningshuis nu en in de komende jaren in praktijk te blijven kunnen uitvoeren.

 

1. Inleiding

De doelstelling van de Oranjevereniging is het onderhouden en versterken van de band tussen ons koningshuis en de bevolking van de gemeente Beverwijk en Omstreken.

 

De vereniging tracht dit doel te bereiken door het organiseren van en het verlenen van medewerking aan feestelijkheden, activiteiten en bijeenkomsten ter gelegenheid van de verjaardagen van de leden van het koningshuis en op andere feesten en gedenkdagen.

 

Het bestuur van de Oranjevereniging heeft als taak te zorgen dat er invulling wordt gegeven aan de bovengenoemde doelstelling. Zij doet dit middels:

 

Daarnaast behoort het tot de taken van het bestuur om het ledenbestand van de vereniging te bewaken en de groei van het aantal sponsors te bevorderen.

 

De afgelopen jaren blijkt dat er een tanende belangstelling is voor het verenigingsleven in algemene zin. Dit heeft direct gevolgen voor de  opbouw in het ledenbestand en onder donateurs en sponsoren alsmede binnen besturen valt een sterke vergrijzing waar te nemen.

 

De financiële armslag van de verenigingen is dalende en zonder subsidies van overheden kunnen veel verenigingen niet meer bestaan. De aanwas van jongere leden binnen verenigingen blijft uit.

 

Direct gevolg is daarmee ook dat veel Oranjeverenigingen een ‘stoffig’ imago hebben ontwikkeld en niet meer ‘met hun tijd meegaan’.

 

We leven in een sterk individueel ingestelde samenleving waarbij het eigen belang in hoge mate prevaleert boven het algemeen belang. Daarnaast ligt er, vanuit de werkomstandigheden, een aanzienlijke druk op werkenden en maatschappelijke ontwikkelingen vragen veel van het individu. Daarnaast neemt de animo voor langlopende (sociale) verplichtingen af; het ‘korte slagen, snel thuis – denken’ neemt toe.

 

Er kan gesignaleerd worden dat de betrokkenheid van de bevolking met de Oranjevereniging niet op een hoog peil staat. Veelal wordt de indruk gewekt dat dit komt door eerdergenoemde ontwikkelingen doch de indruk bestaat ook dat de vereniging niet altijd blijkt te bieden wat men ervan verwacht.

 

Ook de onbekendheid onder de bevolking met het reilen en zeilen binnen de vereniging is een oorzaak en vraagt een aandachtspunt van het bestuur. Een betere PR zou hierin verandering kunnen brengen.

 

Het bestuur en de vereniging worden nu eenmaal geconfronteerd met een veranderende samenleving. Op deze veranderingen dient adequaat te worden gereageerd, wil de vereniging haar bestaansrecht blijven behouden en aantrekkelijk worden / blijven voor het publiek.

 

Daarnaast dient te worden bekeken of de wijze van werken nog past in deze tijd.

 

In dit beleidsplan zal het dagelijks bestuur aangeven hoe het denkt te gaan inspelen op maatschappelijke veranderingen. Dit beleidsplan heeft een looptijd van 5 jaar. Elk jaar dient er een evaluatie plaats te vinden en dient er een screening gemaakt te worden van gerealiseerde speerpunten.

 

In het beleidsplan zal allereerst worden gekeken naar de identiteit van de vereniging. In het tweede onderdeel wordt ingegaan op het imago dat de vereniging naar buiten wenst te brengen. In de derde plaats komt de visie aan de orde. Als vierde zullen de voorwaarden en condities aan de orde komen die nodig zijn om de visie vorm te kunnen geven. Tot slot zal het toekomstbeeld worden geschetst.

 

2. Identiteit

De Oranjevereniging wil zich, vanuit haar doelstellingen, kenmerken door maatschappelijke betrokkenheid. Deze betrokkenheid dient op actieve wijze te worden ingevuld. Daarnaast wordt professionaliteit verwacht, zowel in de uitoefening van de werkzaamheden als bij de invulling van het beleid.

 

De vereniging dient zich, middels haar activiteiten, een plaats te verwerven in de harten van de mensen.

 

Tot slot is directe betrokkenheid met het wel en wee van ons koningshuis (op lokaal niveau) alsmede de onderlinge betrokkenheid een onderdeel van de identiteit van de vereniging.

 

3. Imago

Het imago dat de Oranjevereniging wil uitstralen is dat zij hét aanspreekpunt en dé belangenbehartiger is van alle zaken die spelen rondom het koningshuis en oranje. Het imago van een jonge, dynamische en actieve organisatie die op professionele en aansprekende wijze vorm geeft aan de doelstellingen van de vereniging.

 

4. Visie

De vereniging dient een levendige, groeiende, zich verjongende organisatie van voornamelijk werkende en/of maatschappelijk betrokken, actieve mannen / vrouwen te zijn, variërend in leeftijd en die gewend zijn om verantwoordelijkheid te dragen.

 

De bestuursleden moeten zich inzetten met ‘Hoofd, Hart en Handen’ om de doelstellingen te realiseren. Zij dient ernaar te streven haar stem te laten horen en zo mogelijk invloed te hebben bij passende besluiten op lokaal terrein. Lid zijn van de vereniging stimuleert het streven naar een goede sfeer, vriendschap, betrokkenheid, medemenselijkheid en bewustwording. Het bevordert de  betrokkenheid met elkaar en met maatschappelijk relevante zaken.

 

Het dagelijks bestuur ziet voor de komende tijd een aantal speerpunten om deze visie vorm te geven.

 

  1. Uitbouwen van de vereniging tot een professionele organisatie die efficiënt functioneert
  2. Faciliterend naar leden, instellingen en organisaties om de doelstellingen te effectueren
  3. Stimuleren, activeren en enthousiasmeren van (externe) betrokkenen
  4. Verstevigen van de banden tussen de vereniging, de gemeente, sociaal maatschappelijke organisaties en het publiek
  5. Verbeteren van de communicatie, zowel intern als extern
  6. Vergroten van kennis en bewustzijn bij alle bestuursleden
  7. Het opzetten van een aantal projecten
  8. Het actief werven van leden / donateurs
  9. Actief beleid inzake fondswerving en sponsoring

 

5. Uitvoering

1. Uitbouwen van de vereniging tot een professionele organisatie die efficiënt functioneert

In het Werkplan zijn diverse zaken concreet omschreven die een professionelere invulling kunnen bevorderen. Daarnaast is het zaak dat er een betere invulling wordt gegeven aan de statuten en dat de bestuursleden eventueel hulp krijgen bij de invulling van hun taken. Ook de inzet en het gebruik van externe deskundigen behoort zeker tot de vereiste maatregelen..

 

Zoveel mogelijk zal bij de vervulling van vacatures worden gezocht naar mensen die vanuit hun professie de gewenste en/of noodzakelijke kennis hebben.

 

In voorkomend geval zal bij de uitvoering van de werkzaamheden meer een beroep gedaan gaan worden op individuele vrijwilligers die vooraf een duidelijke instructie hebben ontvangen.

 

Daarnaast is het van groot belang dat het secretariaat goed kan blijven functioneren. De toerusting en de middelen zullen dan ook op peil moeten zijn.

 

2. Faciliterend naar leden, instellingen en organisaties om de doelstellingen te effectueren

Leden, instellingen en organisaties dienen door de vereniging te worden ondersteund in het realiseren van de doelstellingen. Het dagelijks bestuur ziet de vereniging als transporteur van informatie en kennisoverdracht.

 

Dit kan o.a. gebeuren door het organiseren van informatieve bijeenkomsten, het initiatief nemen naar het onderwijs om voorlichting over het koningshuis te verzorgen , het organiseren van een expositie rondom het koningshuis, het versturen van regels naar bedrijven / organisaties rond het vlagvertoon bij bijzondere dagen enz.

 

3. Stimuleren, activeren en enthousiasmeren van (externe) betrokkenen

Door (externe) betrokkenen ideeën aan te reiken voor projecten en de wijze waarop deze kunnen worden opgepakt, kan bereikt worden dat (externe) betrokkenen een ‘warm gevoel’ krijgen bij de activiteiten van de vereniging.

 

Denk hierbij b.v. aan concerten in de Agathakerk, expositie in het museum Kennemerland, oranje – thema in de bibliotheek ed. Een actieve vereniging zal ook, richting de gemeente, meer enthousiasme weten los te krijgen. De vereniging kan een schakel zijn bij het uitwerken van de doelstellingen.

 

4. Verstevigen van de banden tussen de vereniging, de gemeente, sociaal maatschappelijke organisaties en het publiek

De vereniging hecht eraan dat de banden tussen de vereniging en andere organisaties verstevigd worden. Daardoor wordt namelijk een netwerk geschapen dat op effectieve wijze behulpzaam kan zijn bij de realisatie van de doelstellingen.

 

5. Verbeteren van de communicatie, zowel intern als extern

De Oranjevereniging streeft naar een optimale communicatie, zowel intern als extern.

 

6. Vergroten van kennis en bewustzijn bij alle bestuursleden

Om bestuursleden meer bewust te maken van het feit dat zij onderdeel uitmaken van een vereniging die de band tussen de lokale bevolking en oranje meer gestalte wil geven, zullen de doelstellingen van de vereniging regelmatig onder de aandacht moeten worden gebracht. Dit kan b.v. als een vast onderdeel tijdens de reguliere bijeenkomsten maar ook middels bezoeken aan locaties die deze verbondenheid kunnen versterken.

 

7. Het opzetten van een aantal projecten

Het bestuur van de vereniging zou kunnen overwegen een aantal projecten op te zetten die mede ondersteuning kunnen geven aan de invulling van de doelstellingen. Te denken valt hierbij aan projecten binnen het onderwijs, projecten richting centrumondernemers bij feestdagen ed.

 

8. Het actief werven van leden / sponsoren

Het ledenbestand en de sponsoren van de vereniging verdient continue aandacht. Al vele jaren is er alleen maar verlies geweest van leden / sponsore. Actie van het bestuur voor nieuwe leden en sponsoren zijn onvoldoende om de negatrieve ontwikkleing te compenseren. Ook vraagt verjonging van het ledenbestand en sponsoren aandacht. Het invulling geven aan het vermelde in dit beleidsplan zal daarnaast een positieve uitwerking hebben op de werving.

 

9. Actief beleid inzake fondswerving / sponsoring

Dit beleidsplan kan de inzet zijn tot het actief benaderen van het bedrijfsleven voor sponsoring. Het versterken van de activiteiten van de vereniging en het opzetten van projecten kan hierbij behulpzaam zijn.

 

Daarnaast is het raadzaam om actiever in te spelen op de verwerving van legaten en schenkingen. Het fiscale aspect kan hierin meegenomen worden. Via de Koninklijke Oranjebond is ANBI status verkregen, een “merk” waar goed gebruik van gemaakt kan worden.

 

6. Tot slot

Het dagelijks bestuur meent met dit beleidsplan een bijdrage te leveren aan de versterking van de vereniging als geheel en het algemeen bestuur in het bijzonder. Dit alles moet leiden tot een actieve, doelgerichte vereniging van professioneel opererende mannen / vrouwen die met veel inzet en genoegen vormgeven aan de doelstellingen van de Oranjevereniging.